Menu

Twee-vijfde van de zzp'ers volledig onvoorbereid op arbeidsongeschiktheid



Twee-vijfde van de zzp’ers volledig onvoorbereid op arbeidsongeschiktheid

Van 1998 tot 2004 verzekerde de Wet Arbeidsongeschiktheidsverzekering Zelfstandigen (WAZ) alle zelfstandigen in Nederland tegen arbeidsongeschiktheid. In het Pensioenakkoord van vorige maand is afgesproken dat zzp'ers zich in de toekomst weer verplicht moeten gaan verzekeren. De exacte invulling van deze verplichting is nog onbekend. In de Zelfstandigen Enquête Arbeid van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) en onderzoeksbureau TNO is onderzocht hoe het nu staat met zzp'ers en de arbeidsongeschiktheidsvoorzieningen.

Volledig onvoorbereid op arbeidsongeschiktheid

In Nederland werken ongeveer 1,1 miljoen zelfstandigen zonder personeel (zzp'ers). Meer dan twee-vijfde van hen (41 procent) heeft niets geregeld voor het geval ze arbeidsongeschikt raken. Dat wil zeggen dat zij geen spaargeld of beleggingen achter de hand hebben of een partner op wie ze kunnen terugvallen. Ook hebben zij geen arbeidsongeschiktheidsverzekering (AOV).

Waarom geen AOV?

Slechts één op de vijf zzp'ers heeft een AOV afgesloten. De voornaamste redenen hiervoor hebben met geld te maken. Bijna de helft geeft aan dat de kosten niet opwegen tegen de baten. Ook de hoge kosten van een verzekering houden de zelfstandigen tegen. Bovendien geeft één op de vijf zzp'ers aan het financiële risico zelf te kunnen dragen of terug te kunnen vallen op het inkomen van hun partner.

Inkomensverschillen

Ongeveer een-derde van de zzp'ers zegt terug te kunnen vallen op spaargeld of beleggingen. Naarmate zij meer verdienen, neemt het deel dat reserves heeft toe. Bij de hoogste inkomens heeft minder dan een kwart geen voorziening voor arbeidsongeschiktheid, bij de zzp'ers met de laagste inkomens is dat 65 procent.

Spaargeld en beleggingen

Bijna één op de drie zelfstandigen denkt genoeg achter de hand te hebben om op terug te kunnen vallen. De meest populaire arbeidsongeschiktheidsvoorzieningen zijn spaargeld en beleggingen, gevolgd door een AOV. Daarna volgen de eigen woning en een Broodfonds. Een Broodfonds is een collectieve voorziening die zzp'ers onderling regelen. Leden hebben maximaal twee jaar aanspraak op een uitkering uit het fonds. Een kleine vijf procent neemt deel aan zo'n collectief.

Foto: Bigstock


Delen:



Reacties


Zoeken
Zoek